Pizzabollen maken en laten rusten

Laatst bijgewerkt: Auteur: SOTTO Pizza

Na de eerste rijs gaat het deeg in bollen die apart doorrijzen tot ze ontspannen zijn. Hoe je strak opbolt en waarom die tweede rust het uitrekken helpt.

Meerdere ronde deegbollen die naast elkaar rusten in een deegbak met deksel

Een deegbal van 230 tot 280 gram levert doorgaans een bodem van ongeveer 28 tot 32 centimeter op, afhankelijk van de gewenste dikte. Dat gewicht per bol bepaalt niet alleen de uiteindelijke pizzagrootte, maar ook hoe soepel het deeg zich later laat uitrekken. Wie de bollen te groot of te ongelijk afweegt, merkt dat tijdens het bakken direct terug in oneven bodems.

Na het opbollen volgt een rustperiode die minstens zo belangrijk is als de rijs zelf, omdat het gluten netwerk in die tijd ontspant. Dit artikel behandelt het juiste gewicht per bol, de techniek om strak op te bollen zonder scheuren, de benodigde rusttijd en het bewaren van de bollen in een deegbak.

Gewicht per bol bepalen

Het gewicht van een deegbal hangt samen met de gewenste diameter van de pizza en de dikte van de bodem. Voor een dunne Napolitaanse bodem van ongeveer 28 centimeter wordt vaak gerekend met 230 tot 250 gram deeg, terwijl een dikkere of grotere bodem tot 280 gram of meer kan vragen.

Het is verstandig om alle bollen op een keukenweegschaal even zwaar te maken, zodat ze in gelijk tempo rijzen en bakken. Een verschil van meer dan tien gram tussen bollen zorgt er al voor dat de ene bal sneller ontspant dan de andere, wat de planning bij het uitrekken lastiger maakt.

Wie het deeg eerder liet rijzen als één geheel, verdeelt het na die eerste rijs in porties voordat er wordt opgebold. Meer over de duur en temperatuur van die voorafgaande stap staat beschreven bij pizzadeeg laten rijzen, waar de relatie tussen tijd en temperatuur wordt uitgelegd.

Strak opbollen zonder scheuren

Opbollen betekent dat een stuk deeg wordt omgevormd tot een gladde, gespannen bal met een strak buitenvel. Dat vel houdt de gasbelletjes uit de fermentatie vast en zorgt voor een gelijkmatige structuur wanneer de bal later wordt uitgerekt.

De meest gebruikte techniek begint met het platdrukken van het deegstuk tot een grove schijf, waarna de randen naar het midden worden gevouwen. Vervolgens wordt de bal met de gevouwen kant naar beneden op het werkblad gedraaid, terwijl de handen de bal lichtjes tegen het oppervlak drukken en ronddraaien tot de bovenkant strak en glad aanvoelt.

Te veel bloem op het werkblad voorkomt grip, waardoor de bal niet strak kan trekken en eerder scheurt bij het draaien. De volgende lijst bevat 3 aandachtspunten bij het strak opbollen van deeg.

  • Zachte druk gebruiken: te veel kracht duwt de gasbelletjes eruit en maakt het deeg plat in plaats van rond.
  • Kort en gecontroleerd draaien: een paar seconden ronddraaien is meestal genoeg voor een strak vel.
  • Minimaal bloem gebruiken: net genoeg om plakken te voorkomen zonder de grip te verliezen.

Rusttijd van de bollen

Direct na het opbollen is het gluten netwerk gespannen en veerkrachtig, waardoor de bal weerstand biedt zodra er wordt geprobeerd het deeg uit te rekken. Een rustperiode van ongeveer 1,5 tot 4 uur op kamertemperatuur laat die spanning geleidelijk afnemen, zodat het deeg soepeler wordt zonder terug te veren.

De exacte duur hangt af van de omgevingstemperatuur en van de vraag of de bollen eerder al in de koelkast hebben gerezen. Bollen die net uit de koelkast komen, hebben vaak een langere rust op kamertemperatuur nodig voordat ze goed te verwerken zijn, omdat koud deeg stugger blijft.

Wie liever met een lange, koude rijs werkt, laat de bollen na het opbollen juist in de koeling doorrijzen en haalt ze pas ruim van tevoren eruit om op temperatuur te komen. De afweging tussen een korte, warme rijs en een langere, koude rijs wordt uitgebreid toegelicht bij koude rijs of warme rijs voor pizzadeeg, inclusief het effect op smaak en structuur.

Herkennen van ontspannen deeg

Een bal is klaar voor het uitrekken wanneer een lichte vingerdruk in het deeg langzaam terugveert in plaats van direct. Veert de deuk meteen volledig terug, dan is er meer rust nodig; blijft de deuk helemaal staan, dan is de bal mogelijk te ver doorgerezen.

Bewaren in een deegbak

Een deegbak met deksel is de meest praktische manier om meerdere bollen tegelijk te laten rusten, omdat het deksel uitdroging voorkomt zonder dat er plasticfolie nodig is. De bakken zijn er in verschillende maten, met vaste vakken per bol of als één ruimte waarin de bollen los naast elkaar liggen.

Belangrijk is voldoende ruimte tussen de bollen te houden, zodat ze tijdens het rijzen niet tegen elkaar aan groeien en aan elkaar vastplakken. Een dun laagje olijfolie op de bodem van elk vak helpt bovendien om de bal er later gemakkelijk uit te lichten zonder het strakke vel te beschadigen. De volgende lijst bevat 3 aandachtspunten bij het gebruik van een deegbak.

  • Voldoende ruimte per bol: minstens een paar centimeter tussenruimte voorkomt dat bollen samenkomen tijdens het rijzen.
  • Luchtdicht afdekken: een passend deksel of vochtige doek houdt het oppervlak soepel.
  • Stabiele temperatuur: een tochtvrije plek zorgt voor een gelijkmatige rijs van alle bollen.
De schrijver

SOTTO Pizza legt uit hoe thuisbakkers een betere pizza maken, van deeg en bloem tot ovens, saus en beleg. Elke gids bundelt vakliteratuur en betrouwbare bronnen.